Pupilcontrole

Hoofdstuk Vooruitgang
0% voltooid

Help

Je bevindt je nu in een paragraaf met een .



Werkt er (mogelijk) iets niet naar behoren? Laat het ons meteen weten via het contactformulier!

Als de druk in de schedel toeneemt, bijvoorbeeld door een bloeding of een tumor, kunnen de pupillen van de patiënt hier de eerste signalen van tonen.

De zenuwen die de pupilvorm en -reflex aansturen liggen als het ware onder de grote hersenen. Door toename van de hersendruk zal het brein op deze zenuwen drukken en vindt er een verandering plaats in de vorm of reflex van het pupil.

Naast de GCS is het daarom aan te raden om de pupillen te controleren op:

  • Vorm
  • Grootte
  • Isocorie (gelijkheid)
  • Reflex op licht
  • Consensueliteit

[accordion open=”1″][accordion_element title=”Grootte & Vorm”]Grootte
Volwassenen hebben een pupilgrootte van:
– 4 tot 8 mm in het donker
– 2 tot 4 mm in fel licht

Vorm
Pupillen zijn normaal rond van vorm.

[/accordion_element][accordion_element title=”Isocorie”]Isocorie

Pupillen zijn isocoor als ze dezelfde vorm en grootte hebben.
Als één van beide kleiner is of een andere vorm heeft, spreek je van anisocore pupillen.

[/accordion_element][accordion_element title=”Lichtreactief & Consensueel”]Lichtreactief
Pupillen zijn reactief als ze bij toe of afname van licht vergroten en verkleinen.

Consensueel
Pupillen zijn consensueel als ze met elkaar mee vergoten/verkleinen. De pupil waar geen lampje in schijnt verkleint dan dus mee met de grootte van de ander. Om dit te bepalen is het heel belangrijk dat je beide ogen kunt zien.

[/accordion_element][/accordion]

[h5p_box id=”11″ opdracht=””]

 

Cookies

Op deze website gebruiken we noodzakelijke cookies om te zorgen dat alles goed blijft functioneren. Daarnaast gebruiken we Google Analytics tracking cookies om het verkeer op de website te monitoren. Door de website verder te gebruiken gaat u hiermee akkoord.