De Resultaten

In dit hoofdstuk zal je meer leren over belangrijke onderdelen uit van het stappenplan “lezen van resultaten” en hier zelf mee gaan oefenen.
Moeilijkheidsgraad:
4 | /5

Help

Je bevindt je nu in een hoofdstuk. Een hoofdstuk bestaat uit verschillende paragrafen en heeft soms een eindopdracht of toets. Je moet eerst alle paragrafen van het hoofdstuk voltooien voordat je een toets kunt maken. Het hoofdstuk wordt automatisch voor je voltooid als je alle onderdelen hebt afgerond.

Klik op de titel van een paragraaf in het hoofdstuk om deze te bekijken.

Klaar met dit hoofdstuk? Klik dan op 'volgende hoofdstuk' of gebruik de knop 'inhoudsopgave' links van de help-knop. 

Werkt er (mogelijk) iets niet naar behoren? Laat het ons meteen weten via het contactformulier!

Het lezen van de resultaten kan soms best ingewikkeld zijn. Net als bij vele andere stappen van EBP is het daarom aan te raden om hier een vaste structuur in aan te leren. Daarom hebben we ook hiervoor een stappenplan gemaakt. In de volgende paragrafen leggen we elke stap voor je uit.

OCA Stappenplan: “Lezen van Resultaten”

Stappenplan Lezen van Resultaten

1. Wat is de uitkomstmaat?

Ga eerst in de methode-sectie op zoek naar de uitkomstmaat die is onderzocht. Bijvoorbeeld mortaliteit, bloeddruk, temperatuur, pijn, tevredenheid, etc. De uitkomstmaat moet altijd ‘neutraal’ zijn: het bevat dan nog geen hypothese.

2. Wat betekent dit voor de patiënt?

Hier moet je bedenken of de uitkomstmaat positief of negatief is voor de patiënt. Als de uitkomstmaat ‘dood’ is, dan is dat negatief voor de patiënt. Als de uitkomstmaat ‘tevredenheid’ is, dan is dat positief voor de patiënt.

3. Hoe zit de data in elkaar?

Data kan op verschillende manieren gemeten en gestructureerd zijn: continue, ordinaal of nominaal. Dit is van invloed voor de analyse en de interpretatie.

4. Wat is de effectmaat?

De effectmaat is het getal dat een uitspraak doet over de uitkomstmaat. Dit kan op verschillende manieren worden uitgedrukt zoals een relatief risico, number needed to treat of gemiddeld verschil.

5. Wat is de neutrale waarde?

Elke effectmaat heeft een ‘neutrale waarde’: een getal waarbij er geen effect is op de uitkomstmaat. Bedenk hier daarom goed wat deze neutrale waarde is, zodat je het resultaat beter kunt interpreteren.

6. Wat is de grootte en de richting van het effect?

In deze stap kijk je of er sprake is van een groot of klein effect en of het voor of juist tegen de uitkomstmaat spreekt.

7. Wat is de betrouwbaarheid?

Een onderzoek geeft altijd een schatting van de werkelijkheid. Hoe meer metingen/patienten in de studie, hoe betrouwbaarder deze schatting. In deze stap ga je daarom op zoek naar het 95% betrouwbaarheidsinterval.

8. Wat is de p-waarde?

Naast de effectmaat en 95% betrouwbaarheidsinterval ga je op zoek naar de p-waarde. Is deze weergegeven en zo ja, hoe groot is deze?

9. Wat is de statistische significantie?

Met de p-waarde in de hand kun je bepalen of het gevonden effect ‘statistisch significant’ is.

10. Wat is de betekenis van het resultaat?

In deze stap ga je alles wat je hierboven hebt gevonden interpreteren: wat betekent dit nou precies in de praktijk? Hoe zou je die getallen vertalen naar een uitspraak die de patiënt begrijpt?

11. Wat is de klinische relevantie?

Wat betekent het gevonden effect voor de patiënt? Kan hij/zij hierdoor een betere keuze maken voor een behandeling of interventie? Of is er nog veel onzekerheid?

12. Wat is de generaliseerbaarheid?

Niet elk gevonden effect is 1-op-1 over te nemen naar de patiënt voor je. Soms verschillen namelijk de patiënten of interventies van de studie net een beetje van jouw eigen praktijk. In deze stap moet je inschatten of de resultaten te generaliseren zijn naar de patiënt voor je.

Inhoudsopgave

Cookies

Op deze website gebruiken we noodzakelijke cookies om te zorgen dat alles goed blijft functioneren. Daarnaast gebruiken we Google Analytics tracking cookies om het verkeer op de website te monitoren. Door de website verder te gebruiken gaat u hiermee akkoord.